Spleetlamp onderzoek vindt plaats door een binoculaire microscoop gekoppeld aan een sterke verlichtingsbron die een spleetvormige lichtbundel produceert, waardoor een optische doorsnede van het voorste oogsegment ontstaat.

Met de spleetlamp kunnen in principe alle onderdelen van het oog onderzocht worden, al ligt het toepassingsgebied vooral in het gedetailleerd beoordelen van het voorste segment van het oog: oogleden, conjunctiva, cornea, voorste oogkamer, iris en pupil, lens, voorste glasvochtmembraan en het glasvocht.

Uitwendige inspectie van het oog kan ook macroscopisch met het blote oog, een vergrotende lens en focale belichting worden uitgevoerd. Spleetlamponderzoek is echter veel accurater en veelzijdiger, en de spleetlamp is daarmee een van de belangrijkste instrumenten in het standaard oogheelkundig onderzoek van de oogarts.

Een spleetlamp produceert een felle lichtbundel, waarvan de invalshoek, de breedte, de hoogte en de intensiteit ingesteld kunnen worden, evenals de vergroting van de biomicroscoop (10 tot 16×). Zo wordt een sterk vergroot, stereoscopisch en driedimensionaal beeld verkregen. De lichtstraal van de spleetlamp kan ingesteld worden van een zeer fijne bundel tot een volledige cirkel. Afhankelijk van de instelling (hoek, vergroting, hoogte en breedte van de bundel) ontstaat er een gefocuste (smalle of bredere) parallelle lichtbundel, een diafragmaverlichting of een meer diffuse verlichting.

Het weefsel dat door een smalle bundel (maximale bundelhoogte, beperkte bundelbreedte) wordt belicht, noemt men de optische doorsnede (schijf of coupe, afhankelijk van de spleetbreedte), en vertegenwoordigt een ‘biopsie’ door de verschillende optische media heen, waardoor een nauwkeurige diepte-inschatting kan worden gemaakt. De spleetlamp laat bijvoorbeeld toe een onderscheid te maken tussen de verschillende lagen van de cornea (epitheel, stroma, endotheel), met elk een verschillende optische densiteit.

De optische dichtheid en andere structuurwijzigingen kunnen zeer nauwkeurig worden gelokaliseerd en beoordeeld. Met de spleetlamp vernauwd tot een heel smalle (1-punt) lichtstraal kan de densiteit van het voorkamervocht beoordeeld worden. Bij een normale persoon is de voorkamer helder en optisch leeg, en reflecteert de lichtbundel niet.

Bij verhoogde eiwitinhoud of aanwezigheid van cellen wordt de lichtbundel wel zichtbaar als een soort gloed of flikkering (Tyndall-fenomeen).

Vroegtijdige veranderingen bij trauma en (intraoculaire) inflammatie, vaak nog niet zichtbaar bij normale belichting en macroscopische beoordeling, worden dan duidelijk zichtbaar.

Ook een diafragmaverlichting of kegelvorm (lichtbundel 2 tot 3 mm breed en hoog) kan gebruikt worden bij de beoordeling van de helderheid van de voorste oogkamer (in een volledig verduisterde onderzoekskamer).Wordt de lichtstraal ingesteld op een volledige cirkel, dan krijgt men een diffuse verspreide belichting, wat vooral gebruikt wordt om een globale impressie van het vooraanzicht van het oog te krijgen (oogleden en adnexa).

Bij directe belichting wordt de lichtbundel gericht op het te onderzoeken object.

Bij indirecte verlichting of regrediënt licht wordt de lichtbundel gedecentreerd ten opzichte van de focus van de microscoop, waardoor de focus niet rechtstreeks wordt verlicht, maar wel door het licht dat wordt teruggekaatst. Dit is vooral van belang bij het bestuderen van de achterzijde van de cornea.

 

De Lairessestraat 59   1071 NT   Amsterdam   020-679 71 55   omca@me.com   www.omca.nl

Oogziekenhuis OMC Amsterdam

Retina Regeneratie Therapie 2RT

Vrije Artsenkeuze

Farmacotherapeutisch Kompas

Algemene informatie

Anatomie en functie

Baby’s Eyes

Brilcorrectie

Contactlenzen

Fundoscopie

Gebruik oogdruppels

Gezichtsscherpte

Hulpmiddelen slechtzienden

Oogdrukmeting

Oogheelkundig onderzoek

Oogschade door alcoholgebruik

Oogschade door ongevallen

Oogschade door roken

Oogschade door zonlicht

Orthoptisch onderzoek

Spleetlamponderzoek

Onderzoeken

Cornea topografie

Fluorescentie angiografie - FAG

Gezichtsveldonderzoek - FDT

Gezichtsveldonderzoek - GVO

Glaucoomonderzoek - GDxPro

Macular Integrity Assesment - MAIA

Optical Coherance Tomography - OCT

Ultrasonografie - USG

Visual Evoked Potential - VEP

Laser algemeen

Lasertechniek

Laser medisch geïndiceerd

Laserbehandeling oogziekten

Koude Nanosecond Laser 2RT

Neodymium YAG Laser

Photodynamische Therapie

Selectieve Laser Trabeculoplastiek

UltraQ Microsurgical Laser

Laser niet medisch geïndiceerd

Consensus refractiechirurgie

Ooglaser advies

Ooglaser complicaties

Ooglaser complicaties websites

Aandoeningen

Aangezichtsverlamming

Achterste glasvochtloslating

Amblyopie

Blepharitis-onstoken oogleden

Blepharospasme

Cataract - staar

Chalazion - zwelling ooglid

Conjunctivitis - bindvliesonsteking

Droge ogen

Enucleatie

Glaucoom

Glaucoom onderzoek

Herpes simplex

Herpes zoster

Hoornvliesafwijkingen

Hoornvliestransplantatie

Iridotomie

Iritis - uveïtis

Keratoconus

Kleurenzien stoornissen

Maculadegeneratie

Maculagat

Maculapucker

Melanoom

Nastaar

Netvliesloslating

Nystagmus

Oogafwijkingen bij AIDS

Ooginjecties Anti-VEGF

Ooglidchirurgie

Ooglidtumoren

Oogmigraine

Opticusatrofie

Opticusdrusen

Opticusinfarct

Opticusontsteking

Opticustumoren

Prematuren retinopathie

Pterygium & pinguecula

Refractie-brilafwijkingen

Retinitis centralis serosa

Retinitis pigmentosa

Retinoblastoom

Scheelzien-strabismus

Suikerziekte en het oog

Trachoom

Tranende ogen

Vaatafsluitingen in het oog

Vitrectomie

Vlekken en flitsen

Ziekte van Graves